zaterdag 29 augustus 2009

Bezorgde ouders?

Ik sta met mijn fietsje bij de straat. Ik ben 5 jaar. Zo meteen komt mijn vriendje. Met hem zal ik naar school fietsen, voor de eerste keer. Op mijn doortrapfiets. Ik kan al een beetje achteruit fietsen.

Ik huil. Ik vind het eng. Mijn moeder komt me troosten.
"Ik wil niet naar school"
"Waarom niet?"
"Ik kan niks"
"Dat geeft niet, dat gaan ze je daar leren".

Mijn moeder heeft een optimistische onderwijsvisie. En veel vertrouwen in haar oudste zoon. Zelfs op de eerste dag brengt ze me niet naar school. En dat ondanks het feit dat de school 5 kilometer verderop staat. Ze vertrouwt me toe aan de 8 jarige buurjongen. Het is 1962.

Ben ik verwaarloosd? Hadden mijn ouders uit de ouderlijke macht moeten worden gezet? Misschien had ik geluk: De buren klaagden niet.

We zijn verhuisd. Mijn moeder heeft me verteld, dat ik 's middags uit school niet meer naar de boerderij moet komen, maar naar het nieuwe huis. Het is niet moeilijk. Ik moet bij de kinderwagenfabriek niet de kilometerweg op gaan maar de andere kant uit. En dan steeds rechtdoor. Dan kom ik vanzelf bij het nieuwe huis.
Ik ben 7. Het is nu 1963. Ik kan het niet vinden. En dus fiets ik terug naar school, en daarna naar het oude huis. Een buurmeisje brengt me naar het nieuwe huis. Mijn moeder bedankt haar. Mijn moeder vind mij dom. Het buurmeisje stapt niet naar de kinderbescherming. Is zij ontspoord?

Ik snap het wel. Het verkeer is drukker geworden. De mensen zijn agressiever. Het is allemaal veel gevaarlijker nu. Voordat je weet wordt je kind ontvoerd.

Of zouden de kinderen minder zelfstandig zijn geworden?
Of heb ik geluk gehad dat ik zo zelfstandig ben opgevoed?

vrijdag 28 augustus 2009

Schoolpijn: Eureka!

Kun je terug reizen in de tijd? In films wel. Je gaat in een tijdmachine en dan kom je in de middeleeuwen. Maar kan dat ook echt? En hoe dan? Als kind snapte ik er niets van. Het intrigeerde me mateloos (vooral naar de toekomst reizen trouwens), maar het bleef duister.

Ik heb het vaak uitgelegd gekregen, maar het duurde heel lang voor ik het begreep. Dit hielp: Om terug te gaan in de tijd, moet je sneller reizen dan het licht. Wat ik nu zie, is over een tijdje te zien op de maan. Als ik razendsnel naar de maan reis, (sneller dan het licht zich daar naar toe verplaatst) kan ik het op de maan nog een keer zien.
De beelden van de tweede wereldoorlog zijn nog steeds onderweg. Als ik heel snel er achteraan ga, en ze in haal, kan ik de tweede wereldoorlog zien. Maar zou ik de gang van zaken ook kunnen beïnvloeden? Dat niet, je kunt de lichtbundels zien, maar de handeling is al verdampt. Of niet?

De tijd gaat dus niet achteruit. Films zijn onzin. Zelfs sneller reizen dan het licht werkt niet echt. En kun je dan ook naar de toekomst reizen?

Ik herinner me het gevoel toen ik het wel begreep. Eureka! Ik snap het! Het is één van de mooiste gevoelens die ik ken. Het mooiste is dat je iets gaat snappen, wat je al wel wist. Een soort verdiept gevoel van voldoening: begrijpen. Ik kan het niet goed uitleggen.

En dan: "Er zou een aparte tijd moeten worden uitgevonden voor de tijd van het leren. De tegenwoordige tijd van bezinking bijvoorbeeld. Ik zit hier in de klas en eindelijk begrijp ik het. Nu snap ik het. Mijn hersenen verspreiden zich door mijn lichaam: het bezinkt".

Fantastisch! Zo zou ik het hebben willen zeggen. Zo voelt het. Daniël Pennac is een schrijver, die als kind heel erg zwak was op school. En toch werd hij later leraar. Bovenstaande tekst is van hem. Op bladzijde 47 van het boek: "Schoolpijn" staat het. Zomaar. Opeens.

Daniël, dat is het! Dank je wel!

donderdag 27 augustus 2009

Prakkiseren: Laura in Speelgoedland

Wolfgang is 6. Hij kan goed pianospelen. Overal in Europa treedt hij op en speelt piano. De mensen vinden het prachtig! Een wonderkind! Wat een voorrecht om zoveel talent te hebben. En de kleine Wolfgang vindt het prachtig!
Vader Mozart buit de talenten van z'n zoontje uit. Zuslief van 8 moet ook mee. Rochelend van de astma ligt ze in diverse wereldsteden in bed, overgeleverd aan de grillen van haar vader. Of van haar broertje?

De minister is 54. Hij wil dat Nederland een kennisland is en dat het onderwijs excelleert. Nog liever wil hij dat mensen hun talenten benutten en Nederland overal op de kaart zetten. Hadden we maar veel wonderkinderen!

Vader Polgar is 35. Hij walgt van het onderwijssysteem. Hij heeft 3 dochters, die helemaal niet zoveel tijd nodig hebben om te leren. Het kan best met minder dan de helft toe. En om dat te bewijzen leert hij zijn kinderen schaken tot het nivo dat ze alle drie bij de top 10 in de (damesschaak-) wereld horen.

Laura is 13. Ze is geboren op een zeilboot. Ze is hoogbegaafd. Ze droomt ervan alleen rond de wereld te zeilen. Iedereen bemoeit zich ermee. Hoe alleen kun je zijn?
De vader van Laura is 50. Zijn dochter kan zeilen. Is zij zijn project? Moet hij uit de ouderlijke macht worden gezet? Zoals Pa Mozart? Zodat we al die muziek nooit hadden gehad? Kunnen anderen daar over oordelen? Als Laura kon pianospelen of schaken, deden de mensen dan ook zo moeilijk? Leven we echt in een speelgoedland?

Als we besluiten dat Laura niet gaat, kunnen we dan net zo goed de kinderbescherming opheffen? Is dat een geweldige verworvenheid of een betuttelende grijsmakende club?

Iedereen heeft er een uitgesproken mening over.
Ik prakkiseer nog wat verder.

zondag 23 augustus 2009

Spiegelneuronen

Ik kan net zo goed tennissen als Roger Federer. Weliswaar bezit ik geen tennisracket, maar als ik Roger zie, tennissen mijn neuronen mee. Dat blijkt uit wetenschapprlijk onderzoek d.m.v. MRI scans.

Veel mensen weten van het fenomeen dat als iemand begint te gapen, anderen mee gaan gapen. Dat blijkt niet alleen voor gapen te gelden, maar voor bijna al ons gedrag. Als we iemand iets zien doen, gaat onze bedrading (de neuronen) ook spontaan aan de slag. Ze 'vuren' alvast, alsof wij dat gedrag ook gaan vertonen. En ze raken daardoor getraind.
Ondertussen begin ik, als ik Roger zie, toch niet onmiddelijk onvervaard te zwaaien. Het bijbehorende gedrag moet ik vanuit een andere hersenhelft nog aansturen. Maar mijn neuronen zijn er klaar voor. Roger is gewaarschuwd!

Dit fenomeen wordt door Joachim Bauer beschreven in een boekwerkje, dat "Waarom ik voel wat jij voelt" heet, met als ondertitel: intuïtie en het geheim van spiegelneuronen.
'Spiegelneuronen' is een vreemde term. Het zijn de gewone neuronen, onderdeel van ons neurologisch systeem, die geactiveerd worden als we bij een ander iets zien. Ze 'spiegelen' als het ware dat gedrag. Maar ze doen dat op een vreemde manier.
Zo heb ik hoogtevrees. Als ik mijn dochter, die geen hoogtevrees heeft, op een hoge toren zie staan, krijg ik spontaan zwetende handen. Mijn hoogtevrees wordt geactiveerd, ook al ben ik veilig beneden. En ik weet dat mijn dochter geen hoogtevrees heeft. Ook hier zijn mijn neuronen actief. En blijkbaar heb ik deze autonome reactie niet onder controle. Mijn krokodillenbrein werkt en ik kan dat niet beïnvloeden. Blijkbaar leggen mijn neuronen het gedrag van mijn dochter uit, binnen mijn referentiekader. Ze tonen hoogtevrees, ook al is dat nergens voor nodig.

Soms, als mijn zoon en verhaal vertelt, over iets wat hij gedaan heeft, weet ik dat hij iets achter houdt. Of ik denk dat te weten. Mijn neuronen zijn dusdanig actief dat er bij mij een gevoel van onbehagen ontstaat. Blijkbaar zendt mijn zoon signalen uit, die mijn neuronen vertellen dat er iets wordt achter gehouden. Ze hebben dat ooit geleerd. Bij doorvragen blijkt dat mijn zoon helemaal niets achter houdt. Hoe komen die neuronen daarbij?
Onze bedrading wordt al in het vroegste stadium van ons leven aangelegd. De eerste levensjaren van ieder kind bepalen hoe de intuïtie wordt ingevuld. Ik kan niet anders dan concluderen: Mijn ouders hielden iets achter. Ik weet ook wat: God bestaat niet.

Ze hebben het me nog steeds niet verteld.

donderdag 20 augustus 2009

Prakkiseren, dichten, filosoferen

Drs. P. is 90 geworden. Dat is een gelegenheid waar (na de Griekse veerboot) best nog een blog aan besteed mag worden. Trouwens, hij daagt daartoe zelf uit: tijd nemen om ergens bij stil te staan. In zijn naar buiten treden bij de feestelijke gelegenheid, brak hij een lans voor het een daarmee verwant woord: 'Prakkiseren'. En terecht!

Prakkiseren, daar is iets mee. Er zijn meer woorden die ook zoiets betekenen:
- Piekeren
- Peinzen
- Denken
- Reflecteren

Er zijn allerlei kleine verschillen tussen deze woorden. Je kunt prakkiseren over een sudoku. Als het leven geen zin heeft kun je net zo goed eens en sudoku oplossen. Je kunt ook over een sudoku piekeren. Als je daar over piekert, moet je er zeker over prakkiseren ermee op te houden.

Peinzen is wat passief. Het is de vraag of het ooit iets op zal leveren. Prakkiseren is meer constructief. Ontspannen en toch doelgericht. Je kunt prakkiseren over de oplossing van iets. Dan komt er vast iets van terecht. Piekeren is een beetje tobberig. En wat klein.
Denken is erg gewoontjes, niet uitdagend. En dus, als je die woorden vergelijkt, dan heeft prakkiseren nog het meest van het meer moderne, om niet te zeggen 'hypende' reflecteren.

In de vakantie vond ik eindelijk waarom dat reflecteren zo hyped. In zijn onvolprezen boek: "Apprendre á vivre', om de een of andere bizarre commerciële reden in het Nederlands vertaald als "Beginnen met filosofie', beschrijft de Franse filosoof en voormalig minister Luc Ferry de weg van de oudheid tot het reflecteren. Van Socrates tot 'verruimd denken'.

Verruimd denken blijkt een vorm van nadenken over het heden te zijn, waar je je volledig op richt. Een manier om je leven zin te geven. De Tao in een westers jasje. Post-Nietscheaanse zingeving. In de boekhandel heet dat nu weer 'mindfulness'. En zo val je van het één in het ander.

Iets om eens over te prakkiseren.

Persvrijheid afschaffen?

Ik sta op gespannen voet met de pers. Niet dat ik iemand ken van de pers, dat niet, maar de eindeloze ongenuanceerdheid maakt me soms bijna gek. En vandaag is het weer zover.

Zondagavond heeft studio voetbal Co Adriaanse uitgenodigd. Een gerichte actie om nieuws te creëren. Want Co gaat iets zeggen, maakt niet uit wat. Co (irrelevant, maar toch: in mijn ogen een uitstekende trainer, of misschien beter: een uitstekende onderwijzer), zegt inderdaad wat. Over Ajax natuurlijk en daarmee over Jol, vast en zeker ook een goede trainer. De gasten van studio voetbal dollen een beetje,roepen wat door elkaar, de eindtune is daar, en het scherm was weer gevuld. Ik heb het niet gezien. Zoals veel meer mensen. Een scheet in de eeuwigheid. Irrelevant geneuzel.

Toch blijk ik me niet aan het gebeurde te kunnen onttrekken. Omdat er natuurlijk wel brood op de plank moet blijven togen de heren (en dames(?!), ik ken alleen Barabara Barend in deze sportwereld) persmuskieten in optocht naar Dhr. Jol. Wat hij vindt van de uitspraken van Dhr Adriaanse? Let op de aanspreektitels. Het verscholen 'gniffel-gniffel-ik -creëer-nieuws-gehalte' is er met lepels vanaf te scheppen.

En Dhr. Jol laat zich (na enig aandringen, dat moet gezegd), uitlokken tot wat sneren aan Dhr. Adriaanse. Hoera! Kunnen we zondag weer verder.

En zo is iets, wat eerst uitdrukkelijk niets was, nu nieuws geworden. Het nieuws creërende mechanisme is dagelijks herkenbaar. Als Ajax nu ook nog verliest, heet het volgende week een rel.

Allemaal dankzij de onvolprezen persvrijheid! Afschaffen!

woensdag 19 augustus 2009

Griekenland: De Veerboot

Wie van Therme naar Agios Kirikos wil kan met de bus gaan. Zeker even aantrekkelijk is de boot. Tussen ongeveer 08.00 uur en 13.00 uur en 17.00 uur en 21.30 vaart er een 'heen en weer'. Tijdstippen doen exactheid verwachten de er niet is. Evenmin als een regelmatige frequentie. De boot is als de bus: hij vaart als er passagiers zijn.

De veerman is een man van tussen de 60 en 80 jaar. Zijn getekende gezicht straalt een mengeling van autoriteit, vanzelfsprekendheid, verveling en minachting uit. Hij is de veerboot. Dit is Ikaria. Wij zijn de toeristen. Hij wil zoveel mogelijk en voldoende passagiers.

Voldoende blijkt een dagelijks wisselende subjectieve maat. Als het aantal passagiers hem niet aan staan stiet hij vreselijke kreten uit, die de nietsvermoedende baders op het minuscule strandje van Therme doen opschrikken. Het klinkt als: Ojáájooo, Ojáájooooh.

We kunnen niet bedenken wat hij aanduidt. Agios Kirikos, het doel van de 10 minuten durende trip, klinkt zelfs in het Grieks heel anders. Z'n kreten maken aan de wal ook geen enkele indruk. De badgasten kijken op, maar bewegen niet.

Soms vaart hij onverrichter zake af. Even daarna sloft een oud vrouwtje de pier op, aan wie al deze kreten blijkbaar zijn ontgaan. De boot keert zonder morren terug en haalt haar op. Zonder rancune, voor dezelfde ene euro, die het tochtje ook kost voor de anderen.

De tijd op de boot nodigt uit tot prakkiseren, een activiteit, aanbevolen door Heinz Pelzer, Drs. P. gevangen in dat prachtige woord, het woord dat hij aanbeveelt aan ons aller aandacht.

De prachtige Griekse boottocht, langs hoge rotsen, een kerkje en een baai waar zwemmers zich in het paradijs wanen, is een hommage aan de schrijver van de bekendste veerboottocht in Nederland: heen en weer. Heinz zou in Griekenland gelukkig zijn, de veerman trots op hem.